Fuzzy futures en een reset . . .

Afgelopen CIO DAY startte met de antwoorden van Nederlandse CIO’s over hoe zij de toekomst zien. Wat zijn belangrijke ontwikkelingen en uitdagingen, wat krijgt prioriteit en wat minder. De resultaten geven echter niet – zoals in de vorige jaren – een eenduidig beeld. De aandacht is verspreid over een heel scala aan onderwerpen zoals nieuwe techniek, complexe data-gereedschappen, workforce strategie, war on talent en sustainability. Conclusie: de CIO is op dit moment gewoon op alles voorbereid: ‘ready for everything’.

Talent

We zien een uitstroom van gepensioneerde IT-ers zonder dat er een vergelijkbare nieuwe groep IT-deskundigen klaar staat. De corona epidemie heeft ook nog een enorme verschuiving gebracht hoe medewerkers meer hybride willen én kunnen werken. Dit vraagt een discussie hoe de nieuwe werkplek eruit zal zien. Er heeft ongemerkt een ‘reset’ plaatsgevonden. De balans tussen werk en privé-leven is veel kritischer geworden. Hoe zetten we ons menselijk kapitaal op een nieuwe wijze in het midden? Dat techniek hier een belangrijke rol blijft spelen, is duidelijk. Goede of slechte techniek betekent gewoonweg een goede of een slechte werkplek. Voor slechte werkplekken is – mede door de schaarste – echt geen belangstelling meer. 

Het begrip ‘digital dexterity’ werd genoemd: digitale behendigheid is zowel voor individuen als voor teams de komende jaren cruciaal. Hoe kunnen we in een toenemende digitale wereld zowel als individu als team optimale toegevoegde waarde leveren? Dat betekent aandacht voor zowel nieuwe werkplek als de omgeving, die op veel plaatsen nog steeds een residu is van het oude kantoor-idee. Zelfs ons mail-icoon op het beeldscherm is nog een papieren enveloppe en ons save-icoon de oude floppy-disk. Terwijl we al decennia op andere manieren communiceren en data creëren en vastleggen. De werkplek zal hybride blijven. Voor letterlijk grenzeloos talent dat overal kan wonen en werken. Met nieuwe rituelen die een productiviteit én sustainability paradox laten zien: is het nog wel de moeite waard om naar het kantoor te pendelen?

Sustainability

Ook veel aandacht voor sustainability op en rond de werkvloer. Aandacht voor milieu, klimaat en energie blijft een belangrijke driver om millenials, generation Z maar zeker generation Alpha enthousiast te maken. Belangstelling voor de ESG-doelstellingen is groot en wordt steeds vaker gebruikt om bedrijven met elkaar te vergelijken. Ieder bedrijf is intussen een digitaal bedrijf, maar ieder bedrijf moet ook een sustainable bedrijf zijn. De maatschappij verwacht dat ‘gewoon’ van het bedrijfsleven. En dat verwachten ze niet morgen maar nu. En niet van iemand anders maar van jou. Zoals werd gesteld: ‘sustainability is the new digital‘.    

Klant en medewerker verwacht een bedrijf dat digitaal én sustainable is. Goed en snel digitaal bereikbaar. En dat alles gebracht met een ‘lach’. Van de (informatie) technische leiders verwachten bestuur en organisatie dat zij dat kunnen realiseren en inrichten. Veel meer dan vroeger. Zij moeten dan wel als IT-leider kunnen communiceren en meer uitgesproken zijn. De komende tien jaar zal techniek één van de belangrijkste drivers zijn en blijven. Als een organisatie (informatie) technisch onder de maat is, lopen klanten en medewerkers massaal weg met alle gevolgen van dien. Dat was ook de oproep aan de zaal met de Nederlandse IT-leaders: laat duidelijker je stem horen, presenteer jouw visie en schroom niet de leiding voor die innovatie te nemen. 

Nieuwe skills

Aardig was het verhaal waarom ING afscheid had genomen van hun mainframe omgeving: de personen die het bouwden en onderhielden, gaan met pensioen: ‘the skills are leaving’. Dat betekent serieus afscheid nemen van je legacy. Niet omdat de techniek niet meer werkt, maar omdat er gewoonweg niemand meer is die weet hoe, en vooral waarom het ooit zo gebouwd is. Inhoudelijk onderhoud wordt onmogelijk. Organisaties die nu niet deze uitfasering ter hand nemen, komen in steeds grotere problemen, zowel technisch als arbeidstechnisch. Zeker als die systemen in het hart van een uitvoeringsproces zitten, ooit op functionele wijze zijn gebouwd en in de loop der jaren als spaghetti met elkaar zijn verbonden. Eens loopt het vast en probeer dan nog maar eens die spaghetti-knoop te begrijpen en te ontwarren. 

Een reset dus op het gebied van bestaande bedrijfsapplicaties en -platformen. De cloud heeft veel verbeterd, maar die innovatieve route is voor een belangrijk deel al gelopen en ingericht. Data en AI worden op steeds meer plaatsen interessant om nieuwe diensten en business modellen te ontwikkelen. De virtuele wereld als Web3 en de Metaverse kloppen op de deur en vragen aandacht. Niet alleen wat betreft visie en strategie, maar ook wat betreft nieuwe skills die aangetrokken of intern ontwikkeld moeten worden. Klanten zijn geïnteresseerd om uitgenodigd te worden om in een virtuele wereld, een digital twin of digitale omgeving de gewenste producten en diensten te kunnen beleven. De organisaties die dat mogelijk maken, zullen de nieuwe technical leaders worden. 

Vertrek vanuit een architectuur

We zijn de komende jaren overduidelijk bezig een nieuw informatiehuis te ontwikkelen. En weten nog niet precies hoe dat eruit zal zien. Net zoals de fysieke bouwwereld is het daarom logisch te starten met een nieuwe architectuur en een definitie van de benodigde nieuwe functies in dat huis. In mijn vorige blogSlimme informatie-huishoudingen’ besprak ik de verschillende nieuwe functies, die in dat nieuwe informatiehuis moeten passen. Rabo, ABNAMRO en Shell gaven interessante gedachten over het belang van architectuur en hoe zij dit in hun organisatie vorm gaven. Ga uit een hiërarchie van verschillende architectuurlagen die steeds dieper een functie, proces of workflow duiden en positioneren. Lees ook de beschouwingen hierover van Daan Rijsenbrij met o.a. Rabo, ABNAMRO. 

Zorg voor het goed benoemen en beschrijven  van je architectuurprincipes die toekomstvast moeten zijn. Immers ook de nieuwe virtuele werelden moeten in dat nieuwe informatiehuis kunnen worden gehuisvest: data driven, build-in intelligence, grid, edge en IoT toepassingen, slimme en context-gerichte datamodellen, web3 en de metaverse. Een enorme uitdaging om na vijftig jaar onze oorspronkelijke architecturen, die we allemaal zo goed kennen, een wezenlijke reset te geven. Niet meer vanuit computer en applicatie het huis inrichten, maar vanuit data, cloud en edge, maar ook de fysieke werkplek met de virtuele belevingswereld. En in dat huis overal dezelfde ‘look and feel’ creëren opdat klanten, gebruikers, medewerkers en partners daar in harmonie zowel fysiek als digitaal in hybride vorm met elkaar kunnen leven. Zoals Shell het samenvatte: architects should be the storytellers for that future . . .   

Vakmanschap 

Hoe onduidelijk de toekomst ook is, het wordt niet rustig in de IT-wereld. Meer dan ooit wordt voor die toekomst juíst gekeken naar de technici en informatici die die platformen voor deze toekomst moeten ontwerpen en leveren. Terwijl techniek bij de jeugd nauwelijks interesse heeft en beta-geschoolden steeds lastiger te krijgen zijn. Dat betekent weer opleiden in eigen huis, zoals dat veertig jaar geleden ook het geval was toen de IT-ontwikkeling startte. 

Het belangrijkste is de ontwikkeling en aanwezigheid van ‘vakmanschap‘. De kunst om kennis, ervaring en technische c.q. digitale vaardigheid in personen te combineren. Dat vraag een lange termijn visie, de kunst om niet alles tegelijkertijd te (moeten) doen en vanuit al die succesvolle stappen langzaam dat nieuwe informatiehuis vorm te geven. Op die manier zal de huidige mist die over die ‘fuzzy future’ ligt langzaam optrekken. Steeds duidelijker worden waar ook jouw organisatie precies zal en wil komen te staan. Het lijkt op het verhaal dat ik ooit in de jaren tachtig vertelde. De geschiedenis herhaalt zich nooit, maar rijmt gelukkig wel altijd . . . 

Photo by Alexander Grey on Unsplash