WEF Davos 2026 – Het einde van de Malthusiaanse periode
English version: scroll down
De afgelopen week was het onrustig bij het World Economic Forum in Davos. Toen ik in mijn laatste blog van vorig jaar schreef dat de tijd van realpolitik zou terugkeren, had ik niet verwacht dat dit zo snel en zo expliciet zichtbaar zou worden. In Davos werd niet alleen gesproken over verandering, maar werd zij feitelijk voltrokken. Bondskanselier Merz erkende openlijk dat het Duitse energiebeleid het land heeft verarmd en structureel heeft verzwakt en “Europe Is Choking on Its Own Rules”. Tegelijkertijd rolt de Verenigde Staten, onder leiding van Trump, steeds verder hun nieuwe veiligheids- en economische strategie uit die tachtig jaar trans-Atlantische vanzelfsprekendheid ter discussie stelt.
WEF Davos 2026 markeert daarmee meer dan een breukmoment; het markeert het einde van een denkraam dat sinds 1971 – en eigenlijk sinds 1945 – dominant was in het Westen. De ‘oude orde’ functioneerde als een bestuurlijk besturingssysteem waarin globalisering, financiële abstractie en schaarstemanagement centraal stonden. Wat nu zichtbaar wordt, is de overgang naar een ander systeem, waarin – net als tachtig jaar geleden – fysieke economie, energie, productie en nationale soevereiniteit opnieuw leidend zijn.
Eindige en oneindige denkkaders
De kern van deze verschuiving laat zich het best begrijpen via het onderscheid tussen eindige en oneindige systemen. Het Trump-team opereert vanuit een oneindig denkkader: groei als proces, niet als herverdeling; economie als generatief systeem, niet als beheerde beperking. Het Europese en globalistische establishment daarentegen blijft grotendeels gevangen in een eindig kader, waarin beleid gericht is op het beheren van schaarste, het verdelen van afnemende welvaart en het institutionaliseren van morele superioriteit.
Dat vertaalt zich in ritueel beleid. Beleidsdocumenten, toppen en verklaringen zijn steeds minder gericht op probleemoplossing of kennisontwikkeling en steeds meer op het afdwingen van conformiteit. Kritiek wordt niet weerlegd, maar gemoraliseerd. Wie dit patroon herkent uit eerdere discussies over energie, klimaat en soevereiniteit, ziet hier dezelfde dynamiek terug: behoud van het narratief gaat boven correctie van fouten.
Wanneer overheden en instituties belangrijker worden dan de werkelijkheid die zij geacht worden te dienen, ontstaat fragiliteit. Systemen die niet meer kunnen toegeven dat aannames fout waren, verliezen hun aanpassingsvermogen. In die zin zijn veel progressieve bewegingen van gisteren de conservatieve krachten van vandaag geworden.
De Malthusiaanse reflex
Het eindige systeem is in essentie Malthusiaans. Groei wordt gezien als bedreiging, energie als probleem en menselijke creativiteit als risico. Schaarste wordt niet bestreden, maar georganiseerd. Dat verklaart waarom beleidsvoorstellen zoals de Europese spaar- en investeringsunie vooral gericht zijn op het herverdelen en afschermen van bestaand kapitaal, in plaats van op het creëren van nieuwe fysieke rijkdom.
Deze reflex zien we al jaren terug in het Europese energiebeleid: het bewust duur maken van energie, het afbouwen van productiecapaciteit en het externaliseren van industriële activiteit. Zoals eerder betoogd in mijn blogs over energie en strategische afhankelijkheid, is energie geen moreel vraagstuk maar een machtsfactor. Wie energie schaars maakt, maakt zichzelf kwetsbaar.
Het Amerikaanse breekpunt: schaarste verworpen
Het nieuwe Amerikaanse beleid breekt expliciet met deze logica. Grow, Baby, Grow is geen slogan, maar een systeemkeuze. Rijkdom wordt niet gezien als een eindige taart, maar als een vermogen dat steeds opnieuw kan worden gegenereerd via kennis, technologie, energie en arbeid. Met de uitspraak dat globalisering is mislukt, wordt niet alleen beleid verworpen, maar een wereldbeeld.
De herwaardering van kernenergie, fossiele energie en AI past binnen wat het principe van optimisme genoemd kan worden: grondstoffen zijn geen vaste natuurgrenzen, maar functies van kennis en technologie. Dat was ook de boodschap van Musk in Davos. Wat vandaag schaars lijkt, kan morgen overvloedig worden zodra verklarende kennis verandert. Daarmee verschuift economie van moreel beheer naar fysieke transformatie.
Waarom eindige systemen structureel verliezen
Geschiedenis laat zien dat eindige systemen, hoe moreel overtuigend ook gepresenteerd, uiteindelijk economisch en geopolitiek verliezen. Europa vormt daarvan inmiddels een pijnlijk voorbeeld. Decennialang is ingezet op behoud, herverdeling en regulering, terwijl productiviteit, innovatie en strategische autonomie afnamen.
In plaats van deze realiteit onder ogen te zien, blijft Europa toneel spelen. Beleidsmakers bewegen zich van crisis naar crisis, terwijl het onderliggende model niet wordt herzien. Het resultaat is een statische samenleving die verandering niet meer kan absorberen. Internationale instituties worden in stand gehouden uit gewoonte, niet uit effectiviteit.
Zonder creative destruction ontstaat geen nieuw systeem.
Stilstand in een tijd van versnelling is geen neutraliteit,
maar achteruitgang.
Globalisering voorbij het dogma
Dat globalisering in zijn huidige vorm is vastgelopen, betekent niet het einde van internationale handel, maar wel het einde van globalisering als ideologisch dogma. Over deglobalisering schreef ik in 2019 al blogs. Het Amerikaanse model verschuift naar productie, arbeid en energiezekerheid. Groei wordt opnieuw gekoppeld aan fysieke capaciteit in plaats van financiële abstractie.
Hier botst het Amerikaanse, Hamiltoniaanse model frontaal met het Brits-Europese, financieel-renteniersgerichte systeem. Davos 2026 maakte duidelijk dat dit laatste zijn legitimiteit verliest. Zelfs binnen Europa groeit het besef dat een economie gebaseerd op goedkope import, offshoring en schuldfinanciering structureel kwetsbaar is.
Het verbod van Trump op institutionele speculatie in eengezinswoningen past in die heroriëntatie. Het is een aanval op rentenierslogica en een herwaardering van brede vermogensopbouw, ook voor burgers. Tarieven fungeren daarbij niet als protectionistisch doel, maar als strategisch stuurinstrument.
Europa in transitie – maar te laat
Europa bevindt zich intussen ook in deze systeemtransitie, maar heeft minstens een decennium verloren. De veronderstelling van permanente Amerikaanse bescherming heeft geleid tot strategische luiheid. Veiligheid, energie en handel werden uitbesteed aan een orde die inmiddels niet meer bestaat.
De verbazing over nieuwe Amerikaanse partnerschappen met Turkije, Qatar, Egypte en de Golfstaten is daarom misplaatst. Het zijn rationele keuzes binnen een nieuw geopolitiek raamwerk, waarin loyaliteit wordt vervangen door belangen en capaciteit.
Groenland als signaal
Het Groenland-dossier fungeert als geopolitieke lakmoesproef. Niet als vastgoedtransactie, maar als veiligheidsverklaring binnen een Monroe-doctrine 2.0. De boodschap is helder: veiligheid kan niet worden uitbesteed aan verouderde structuren.
Tarieven worden ingezet als drukmiddel om deze realiteit af te dwingen. Aanvankelijke Europese weerstand maakt plaats voor pragmatisme. Wanneer zelfs Duitse en Canadese leiders veiligheid expliciet centraal stellen, is de paradigmawisseling voltooid.
Davos 2026: het einde van de consensus
Davos 2026 was geen klassiek debat, maar een overgangsritueel. Het globalistische kamp verdedigde vooral zijn verleden, terwijl het Amerikaanse kamp een nieuw systeem introduceerde. De verschuiving van schaarstebeheer naar capaciteitsopbouw maakt de oude Davos-consensus irrelevant.
Wat rest is een fundamentele keuze: vasthouden aan een eindig, Malthusiaans wereldbeeld, of overstappen op een oneindig systeem waarin energie, kennis en productie opnieuw centraal staan. Davos 2026 liet zien dat deze keuze niet langer theoretisch is, maar onvermijdelijk.
Photo by Evangeline Shaw on Unsplash
*) Deze blog is geïnspireerd op een artikel op 22 januari 2026 van Khaled Salih: Team-Trump at Davos 2026: Kill the Malthusian Meme
——————— Translated by ChatGPT. —————————
WEF Davos 2026 – The End of the Malthusian Era
The past few weeks at the World Economic Forum in Davos have been turbulent. When I wrote in earlier blogs that the era of realpolitik would return, I did not expect it to become visible so quickly and so explicitly. In Davos, change was not merely discussed — it was enacted. Chancellor Merz openly acknowledged that Germany’s energy policy has impoverished the country and structurally weakened its economy. At the same time, the United States, under Trump’s leadership, is rolling out a new security and economic strategy that calls eighty years of transatlantic assumptions into question.
WEF Davos 2026 therefore marks more than a moment of rupture; it marks the end of a conceptual framework that has dominated Western thinking since 1971 — and, in reality, since 1945. The “old order” functioned as a governing operating system built around globalization, financial abstraction, and the management of scarcity. What is now emerging is a transition to a different system, one in which the physical economy, energy, production, and national sovereignty once again take precedence.
Finite and Infinite Frameworks
The essence of this shift is best understood through the distinction between finite and infinite systems. The Trump team operates from an infinite framework: growth as a process rather than redistribution; the economy as a generative system rather than a managed constraint. The European and globalist establishment, by contrast, remains largely trapped in a finite framework, where policy is focused on managing scarcity, distributing declining prosperity, and institutionalizing moral superiority.
This translates into ritualized policymaking. Policy papers, summits, and declarations are increasingly detached from problem-solving or knowledge creation, and instead serve to enforce conformity. Criticism is not rebutted, but moralized. Anyone familiar with earlier debates on energy, climate, and sovereignty will recognize the same pattern: preserving the narrative takes precedence over correcting mistakes.
When institutions become more important than the reality they are meant to serve, fragility sets in. Systems that can no longer admit faulty assumptions lose their capacity to adapt. In that sense, many of yesterday’s progressive movements have become today’s conservative forces.
The Malthusian Reflex
The finite system is, at its core, Malthusian. Growth is framed as a threat, energy as a problem, and human creativity as a risk. Scarcity is not overcome but organized. This explains why policy initiatives such as the European savings and investment union focus primarily on redistributing and shielding existing capital, rather than generating new physical wealth.
This reflex has been visible for years in European energy policy: deliberately raising energy prices, dismantling productive capacity, and externalizing industrial activity. As I have argued before in my writing on energy and strategic dependency, energy is not a moral issue but a power factor. Those who make energy scarce make themselves vulnerable.
The American Break: Rejecting Scarcity
The new American policy explicitly breaks with this logic. Grow, Baby, Grow is not a slogan, but a systemic choice. Wealth is no longer seen as a finite pie to be divided, but as a capacity that can be continuously regenerated through knowledge, technology, energy, and labor. Declaring that globalization has failed is therefore not merely a rejection of policy, but of an entire worldview.
The renewed embrace of nuclear energy, fossil fuels, and AI fits within what may be called the principle of optimism: resources are not fixed natural limits, but functions of knowledge and technology. What appears scarce today can become abundant tomorrow once explanatory knowledge changes. In this way, economics shifts from moral management to physical transformation.
Why Finite Systems Ultimately Lose
History shows that finite systems, however morally persuasive they may appear, eventually lose economically and geopolitically. Europe has become a painful illustration of this reality. For decades, policy has prioritized preservation, redistribution, and regulation, while productivity, innovation, and strategic autonomy steadily declined.
Rather than confronting this reality, Europe continues to perform. Policymakers move from crisis to crisis without revisiting the underlying model. The result is a static society that can no longer absorb change. International institutions are maintained out of habit rather than effectiveness.
Without creative destruction, no new system can emerge. In an era of acceleration, stagnation is not neutrality — it is regression.
Globalization Beyond the Dogma
The failure of globalization in its current form does not signal the end of international trade, but it does mark the end of globalization as an ideological dogma. The American model is shifting toward production, labor, and energy security. Growth is once again anchored in physical capacity rather than financial abstraction.
Here, the American Hamiltonian model collides head-on with the British-European financial and rentier system. Davos 2026 made clear that the latter is rapidly losing legitimacy. Even within Europe, awareness is growing that an economy built on cheap imports, offshoring, and debt-financed consumption is structurally fragile.
The ban on institutional speculation in single-family housing fits this reorientation. It represents an attack on rentier logic and a revaluation of broad-based wealth formation. Tariffs function not as protectionist ends in themselves, but as strategic steering instruments.
Europe in Transition — Too Late
Europe is in the midst of a systemic transition, but has lost at least a decade. The assumption of permanent American protection led to strategic complacency. Security, energy, and trade were outsourced to an order that no longer exists.
Surprise at new American partnerships with Turkey, Qatar, Egypt, and the Gulf states is therefore misplaced. These are rational choices within a new geopolitical framework, where loyalty gives way to interests and capabilities.
Greenland as a Signal
The Greenland issue functions as a geopolitical litmus test. Not as a real estate transaction, but as a security declaration within a Monroe Doctrine 2.0. The message is clear: security cannot be outsourced to obsolete structures.
Tariffs are deployed as pressure instruments to enforce this reality. Initial European resistance gives way to pragmatism. When even German and Canadian leaders explicitly center security in their response, the paradigm shift is complete.
Davos 2026: The End of the Consensus
Davos 2026 was not a classical debate, but a transitional ritual. The globalist camp largely defended its past, while the American camp introduced a new system. The shift from scarcity management to capacity building renders the old Davos consensus obsolete.
What remains is a fundamental choice: cling to a finite, Malthusian worldview, or transition to an infinite system in which energy, knowledge, and production once again take center stage. Davos 2026 demonstrated that this choice is no longer theoretical — it is unavoidable.
This blog was inspired by an article published on January 22, 2026, by Khaled Salih:
“Team Trump at Davos 2026: Kill the Malthusian Meme.”